In januari 2013, alweer bijna vier jaar geleden, schreef ik de onderstaande column voor FotoVideo.nu – een site over fotografie. Het was destijds nog een beetje een grapje, want de kwaliteit van smartphones konden gewoon niet op tegen een ‘echte’ camera met een grote sensor, wat niet wegnam dat ze bij daglicht best goede foto’s produceerden. Toch is de kwaliteit de laatste jaren dermate toegenomen, dat een smartphone voor steeds meer situaties prima is – zelfs in slecht licht. Dat komt niet alleen doordat de gebruikte componenten, zoals een grotere sensor en meer lichtsterke lens, steeds beter zijn geworden, maar ook omdat een smartphone tegenwoordig over dezelfde technische voordelen als een serieuze camera beschikt: je kunt fotograferen in RAW-formaat, filmen in 4k en instellingen als de sluitertijd, witbalans en ISO-waarde, helemaal zelf instellen. Als ik mijn column (hieronder in ingekorte vorm) nu teruglees, is het bijna profetisch. Niet door mijn visie, maar door die van de mensen om me heen die vier jaar geleden al primair met hun smartphone fotografeerden. Dat aantal is de laatste tijd alleen maar gegroeid en ook ik moet bekennen dat ik mijn spiegelreflex alleen nog maar op vakantie meeneem (en ook dan regelmatig in de hotelkluis laat zitten).

Toch zie ik mensen om mij heen grote fouten maken. Filmen in de belstand, foto’s maken die veel te licht of te donker zijn en composities die een beetje saai zijn (wat zich maar beperkt laat compenseren door een tof Instagram-filter). Die mensen zouden heel veel baat hebben bij een boek over het fotograferen en filmen met een smartphone. En laat deze nu net uit zijn en op Lees.nl staan.

Veel leesplezier!

christa-witte

Hieronder mijn oorspronkelijke stukje uit januari 2013:

Ooit was ik volledig overtuigd van het nut van een spiegelreflex. De fotokwaliteit van compactjes hield te wensen over en je kon er amper wat op instellen. Een spiegelreflex bood superieure fotokwaliteit in alle omstandigheden en er was simpelweg geen goed alternatief. Maar sinds de komst van systeemcamera’s en smartphones ben ik aan dit standpunt gaan twijfelen. Een systeemcamera biedt over het algemeen exact dezelfde beeldkwaliteit als een spiegelreflex, terwijl hij véél compacter en lichter is. Een camera die je veel makkelijker ‘even’ meeneemt zul je vaker gebruiken, zou je zeggen. Natuurlijk is een spiegelreflex veelzijdiger, maar is dat het gesjouw waard? Ik vind van niet.

De beste camera

Goed. De stelling is dus dat je een compacte camera makkelijker meeneemt dan een grote. Maar dat kun je nog verder doortrekken dan alleen systeemcamera’s. Je kent vast wel de beroemde uitspraak ‘de beste camera is de camera die je altijd bij je hebt’. Die uitspraak ben ik de laatste tijd wat serieuzer gaan nemen. Op uitstapjes waarbij ik geen spannende dingen verwachtte, liet ik mijn spiegelreflex thuis en ging ik alleen met mijn telefoon op pad. Iets wat ik mijn jongere zusje en haar vriendinnen ook zag doen – zij peinst er niet over om een ‘echte’ camera te gaan kopen, omdat ze de foto’s van haar telefoon voldoende vindt. Natuurlijk heeft zij een andere kijk op fotografie dan een amateurfotograaf, maar het geldt volgens mij voor een meerderheid van de moderne consumenten. Dat wordt bevestigd door de dramatische verkoopcijfers van compactcamera’s.

Voordelen

Tijdens een ‘praktijktest’, waarbij ik mijn spiegelreflex een aantal weken bewust thuisliet en zoveel mogelijk probeerde te werken met mijn telefoon, merkte ik dat de voordelen van een smartphone voor mij persoonlijk eigenlijk zwaarder wegen dan de nadelen. Een smartphone heeft standaard een gps wat voor vakanties en uitstapjes echt een uitkomst is. Geen gedoe met dure accessoires die je ontmoedigen hen continu te gebruiken. Als de simpelste smartphone al is uitgerust met een gps, waarom doen de heren camerafabrikanten er dan zo moeilijk over om hun hele gamma daarvan te voorzien? Opvallend: je ziet het vooral bij goedkope compacts, maar zelden bij systeemcamera’s of een spiegelreflex. Een ander unicum is dat je je foto’s op een smartphone direct kunt delen. Niet alleen handig voor op Facebook of Twitter, maar ook omdat ze rechtstreeks naar Dropbox kunt sturen. Bovendien, wat is nu effectiever en leuker: na een dagje fotografen tot ’s avonds laat foto’s lopen uploaden of het direct na een geslaagde foto doen?

Altijd bij de hand

Maar wat voor mij tijdens mijn kleine experiment echt de eye-opener was, was dat ik véél meer – èn creatiever – fotografeerde dan normaal. Met mijn spiegelreflex ga ik echt doelbewust op pad en fotografeer ik wat er op dat moment toevallig op m’n pad komt. Andersom is eigenlijk veel logischer; fotograferen wanneer je iets ziet dat de moeite waard is. Vaak is dat erg afhankelijk van het moment, dus van een bepaalde lichtinval, het gouden uurtje of een bijzondere situatie. Er waren vroeger talloze situaties dat ik iets moois zag, maar niets kon omdat ik mijn camera niet bij me had. Een smartphone heb je letterlijk altijd bij de hand, waardoor je direct op speciale momenten kunt reageren.

Smartphone

Ik ben er uit. Mijn volgende camera wordt een smartphone! Altijd bij de hand, prima kwaliteit, voldoende opties (gps!) en met toegang tot internet. Ik zet mijn spiegelreflex nog niet bij het grofvuil omdat hij voor specialistische fotografie nog nodig is. Maar hoe lang nog? Kortom, de meeste foto’s zal ik in de toekomst met een telefoon maken. Wie weet doen we dat over tien jaar allemaal…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.